Nederland in tijden van corona

Sinds een maand leven we onder – wat onze premier noemt – een ‘intelligente lockdown’. Sindsdien zijn samenscholingen verboden, reizen we minimaal, niezen we in onze elleboog, desinfecteren we ons rauwe vingers en houden we tenminste anderhalve meter afstand tot de ander.

Nieuwe normaal
Dit nieuwe normaal went verrassend snel. Dat had ik niet verwacht, in dit landje met 17 miljoen eigengereide mensen.
Ik hoef nu maar een filmfragment te zien van mensenmassa’s of van een kussend stelletje of ik begin onrustig te schuiven op mijn stoel: Doe niet zo gevaarlijk!  Wat is er met me gebeurd? Blijkbaar zijn we met zijn allen toch best wel braaf in tijden van crisis en onzekerheid. Want waar het met de kleine plaaggeest op uit zal draaien, dat is natuurlijk voor iedereen de grote vraag.

Rust en ruimte
Mijn trouwe lezers durf ik best te bekennen dat deze onwezenlijke, door corona veranderende wereld, me eigenlijk wel bevalt. Ik geniet in mijn tuin van het zonnige voorjaar. Hier – maar ook in het stadscentrum, de parken en natuurgebieden verderop – verbaas ik me over de rust en schone lucht. Waar zijn al die mensen gebleven met hun lawaaierige voertuigen en geschreeuw? Zelden klonk mij de vogelzang zo puur in de oren – vrij van snelwegruis en aircogeloei.
Ja, ik geef toe dat ik veel ruimte nodig heb. Het binnenzitten waar ons aller vriend Mark ons tot oproept valt me zwaar. Maar ik wandel en fiets wél veilig; en is dat uurtje reizen in die vrijwel lege treincoupé werkelijk zo slecht? Laat ik nog iets bekennen: ik vind deze mondiale virusuitbraak uiterst fascinerend – het lijkt wel een groot biologisch en sociaal experiment. Nog nooit heb ik het nieuws zo gretig gespeld.

Veel moois

Zonder de ernst van deze pandemie te bagatelliseren (de RIVM teller klimt vandaag tot 2945 dodelijke slachtoffers) mijmer ik over het vele moois dat corona mij reeds leerde: bijvoorbeeld dat we als samenleving pijlsnel kunnen veranderen (als we maar willen); dat we met de globalisering van onze economische processen ver zijn doorgeschoten; dat ook de laagstbetaalde vitale beroepen van levensbelang zijn; dat we zonder feiten en onafhankelijk journalistiek aan de goden zijn overgeleverd; dat vliegen en autorijden zelden noodzakelijk is; dat ik na een maand pseudo-quarantaine snak naar theater, bios en concertzaal; dat de samenleving aanzienlijk leefbaarder wordt als mensen wat meer tijd voor elkaar nemen. Bijna zou ik het belangrijkste vergeten: dat de homo sapiens een uiterst kwetsbaar diertje is. En allesbehalve onsterfelijk. Gelukkig maar.

Hoe verder?
In veel landen lijkt de top van het covid-19 uitbraak achter de rug. Althans de eerste golf. Maar wat zal de toekomst leren? Wat doet het virus, en wat doen wij met de samenleving en de aarde? Zullen regeringen, na deze verfrissende reset, besluiten tot een drastische sanering van de economische, ecologische en sociale aspecten in de maatschappij – of vallen we terug in de oude groef?

Ik ben er niet gerust op. Al de komende maand kan het spannend worden. Want hoelang zullen mensen de lockdown nog pikken? En hoelang zullen de populisten hun lege praatjes inhouden als de IC’s langzaam leegstromen?

Maar tot die tijd: geniet nu het nog kan.

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

Deze website gebruikt Akismet om spam te verminderen. Bekijk hoe je reactie-gegevens worden verwerkt.