Verse zalm

O, wat waren we trots op de Deltawerken. Met al die nieuwe dijken, dammen en sluizen zouden we de gevaarlijke zee definitief buiten houden. Het sluitstuk was de in 1970 voltooide Haringvlietdam. Technisch vernuftig om met zo’n kolos van een muur brutaal de monding van de rivier te blokkeren, maar ecologisch rampzalig.

Haringvlietdam

Al was ik me daarvan in die tijd nog helemaal niet bewust; daar sprak ook niemand over. Wel hoorde ik op school en in het nieuws regelmatig over de Watersnoodramp van 1953 en onze kundige waterbouwkundig ingenieurs werden vereerd als helden. En vergeet niet: het was de tijd van wederopbouw en heilig geloof in de economische groei –  never nooit ging het over ecologie.

Canada
Voor mij viel het kwartje decennia later, toen ik me aan de westkust van Canada stond te vergapen aan de zalmen die massaal vanuit de Stille Oceaan nauwelijks getemde rivieren in zwommen om hoger in de bergen een paaiplaats te zoeken. De ondiepe stroompjes met schoon water en een stevige grindbodem zijn voor zalmen een vereiste om zich voort te planten. Daar realiseerde ik me dat het wonderlijke schouwspel van de zalmentrek dat zich onder mijn ogen voltrok, eeuwen geleden ook normaal geweest moet zijn in de Hollandse Delta. Wat hadden wij in hemelsnaam onze rivieren aangedaan?
Lees verder Verse zalm

Wad – verrassende film over ons belangrijkste natuurgebied

Een kaarsrechte horizon, daarboven lucht, eronder een uitgestrekte vlakte die afhankelijk van het getij uit water dan wel uit modderig zand bestaat. Je zou het waddenlandschap saai kunnen noemen.

Maar wie verder kijkt dan zijn neus lang is, ziet dat die ondiepe zee/moddervlakte boordevol leven zit. Het is de kraamkamer van de Noordzee. Niet toevallig komen miljoenen trekvogels hier jaarlijks bijtanken tijdens hun gevaarlijke reis tussen noord en zuid. En die lucht… Altijd in beweging en altijd weer anders dan je hem eerder zag.

De wolkenpartijen en het schitterende licht, ik kan er eindeloos naar blijven kijken. Net als naar de vogels die altijd wel ergens het wijde blikveld verfraaien. Met wat geduld en een verrekijker zie je ook steeds vaker zeehonden de horizon doorbreken.
Al decennia is het Waddengebied mijn favoriete natuurgebied: het is Nederland op zijn mooist en onze natuur op zijn wildst.

Voedselzoekende slobeenden op winters wad

Die ‘verliefdheid’ op het waddengebied, maakt dat ik met een mengeling van nieuwsgierigheid en argwaan naar de nieuwe film Wad van natuurfilmer Ruben Smit ben gaan kijken. Want natuurfilms van gebieden die mij dierbaar zijn vallen meestal tegen.

In deze film gelukkig geen sentimentele verhaallijnen rond aaibare dieren, maar in plaats daarvan veel aandacht voor de oerkrachten achter dit dynamische landschap.
Lees verder Wad – verrassende film over ons belangrijkste natuurgebied

Droogte creëert nieuwe beek

Drooggevallen woonboot op zuidoever van Nederrijn in Arnhem

Nog nooit zag ik de Nederrijn zo laag. Door de al maanden durende droogte in het stroomgebied van de Rijn neemt het watervolume af en daalt het waterpeil in de vaargeul. Langs de oever van de uiterwaard is een brede strook grond droog komen te liggen. Van de zomer wisten de zonnebaders en BBQ’ers die extra standjes wel te waarderen. De bewoners van de gestrande woonboten zijn minder enthousiast.

Het terugtrekkende rivierwater leidt tot interessante vondsten: talrijke verloren fietsen en hier en daar een vergeten bom steken de kop op. Maar mijn eigen ontdekking vind ik minstens zo aardig: een echte beek!

Want tegenover de plaats waar in Arnhem sinds een jaar de Sint Jansbeek in de vorm van een waterval de Rijn in klettert, meandert nu al een aantal maanden een leuke beek. Klein maar fijn, echter wel volcontinu in bedrijf.

Plas in haven van voormalige scheepswerf op Stadsblokken.

Het water komt vanuit een plas – de haven van de voormalige scheepswerf –  en stroomt spontaan over een stuk drooggevallen rivierbodem naar de lagergelegen vaargeul van de Rijn.

Bij normale waterstanden vaar je met je boot vanaf de rivier gewoon de haven in, en vice versa. Maar tijdens deze abnormale droogte is de haven door een omvangrijke zanddrempel van de rivier gescheiden.
En – heel verrassend – het waterniveau in de plas ligt aanzienlijk hoger dan dat van de rivier. Het resultaat is een stroompje.

Beek stroomt vanuit plas in haven (waar het schip ligt) naar de Nederrijn. 

Ik vind het een wonderlijke situatie dat deze plas hoger ligt. Waar komt dat water dan vandaan? Het kan bijna niet anders of de plas wordt gevoed door een diepe waterstroom vanuit het verderop gelegen Veluwemassief.
Dáár zit een hele grote waterbel. Dat die waterstroom onder de rivier door duikt en ten zuiden ervan weer opwelt klinkt vreemder dan het lijkt. Dat komt in deze omgeving vaker voor.

Ik ben benieuwd hoe lang ik nog van mijn
eigen beek kan genieten, want eens moet het toch afgelopen zijn met die langdurige droogte…

Renners

Rennende wilde dieren kunnen mij zeer bekoren. De aanblik van een haas die als een pijl uit de boog door het weiland schiet, de ree die met sierlijke bogen over het duin stuitert, de zware wisenten die rakelings langs de boomstammen door het bos denderen, of de giraffen die op hun stelten als in slow motion over de savanne zweven. Het is pure schoonheid waarmee de dieren hun kracht, souplesse en doelgerichtheid bij het rennen demonstreren.

Het zoogdier mens is al zo ver gedegenereerd dat de meesten individuen niet eens meer kúnnen rennen. Van de dapperen die het op zondagochtend proberen komt het merendeel niet verder dan hijgerig hobbelen. Niet om aan te zien.

Enkele dagen geleden deed de vrouwelijke wereldtop wielrennen mijn woonplaats aan, als onderdeel van de Boels Ladies Tour. Het internationale gezelschap (18 ploegen uit 11 landen) kwam naar Arnhem voor de proloog, een tijdrit van 3,3 kilometer over de Rijnkade en door de binnenstad.

Annemiek van Vleuten, Wereldkampioen tijdrijden 2017

Natuurlijk liet ik me deze buitenkans niet ontnemen. Zoals ik dat als wildspotter gewend ben begluurde ik de snelle dames door mijn telelens. Ze waren zo snel dat mijn camera moeite had om ze bij te benen. Wat ik in mijn zoeker zag had verrassend veel gelijkenis met wat ik vaak in de natuur bewonderd had: de diepe concentratie, de focus van de predator op zijn prooi (de motorrijder vóór), de krachtsexplosie die resulteerde in snel pompende benen onder een bewegingloos bovenlichaam, de efficiëntie waarmee het hele lijf werd ingezet om een topsnelheid te realiseren. Het leek bijna gemakkelijk, al spraken de soms verbeten koppen een andere taal. Lees verder Renners

Hittestress

We beleven een buitengewoon boeiende zomer. De gazons liggen er doods bij en het blad valt knisperend van de bomen, maar niet eerder zag ik zoveel libellen in mijn tuin. Enthousiast begroette ik de paardenbijter. Maar dat bleek een saaie pier nadat ik het amoureuze spel van de vuurjuffers had gezien. Alles open en bloot zichtbaar vanaf mijn veranda. Met gekoelde witte wijn in de hand zat ik ineens midden in een natuurfilm.

Parende vuurjuffers

Mijn favoriet was echter toch de aan schone beken gebonden weidebeekjuffer. Dat deze parel, die ik associeer met de mooiste natuurgebieden, nu hier kind aan huis was… Waar heb ik dat aan te danken, toch niet aan het dagelijks verse water in het vogelbad?

Nee, verwacht van mij geen huilerige verhalen over de opwarming van de aarde en de achteruitgang van de biodiversiteit. De natuur zal zich wel redden – beter zelfs dan de mens. Beschouw de veranderingen in soortensamenstelling maar als natuurlijke selectie. Darwin schreef er al over.

Ja, er zullen hier plantjes en beestjes verdwijnen. Maar als onze (klein)kinderen over dertig jaar ‘karakteristieke’ Nederlandse natuur willen zien, vliegen ze toch gewoon naar Lapland? Ik laat me graag verrassen door exotische nieuwkomers. Dat proces is trouwens al in volle gang. En wat is er mis aan tijgerspin, nijlgans, goudlynx, Amerikaanse rivierkreeft of halsbandparkiet? Kleurloos kun je deze klimaatvluchtelingen niet noemen.

Paardenbijter

Ook voor de door het weer geplaagde boeren heb ik een oplossing bedacht. Als door hittestress de maïs- en grasteelt in het gedrang komt, kunnen zij beter overgaan op druiven. Als ze tijdig omschakelen vullen zij mooi het gat dat hun collega’s in Bordeaux en Bourgogne binnenkort laten vallen. Tel uit je winst: dan zijn wij verlost van de stront en wijn drinkt zoveel plezieriger dan melk.

Jammer, dat het eind in zicht komt van de hier in het Oosten al bijna vier weken durende hittegolf. Wat zal ik de zwoele zomernachten missen.
Proost.

Sterven is normaal, ook in Oostvaardersplassen

Met stijgende verbazing heb ik de afgelopen weken de strijd over de grote grazers in de Oostvaardersplassen gevolgd. Niet het dispuut over wel of niet bijvoeren was verrassend, want die discussie wordt al decennia gevoerd zodra er aan het eind van de winter veel dieren sterven. Nee, het was de felheid, de emotie en ongetemde woede van de demonstranten die mij intrigeerde.

De grazers kunnen ’s winters maanden teren op hun dikke speklaag (Oostvaardersplassen).

Nog opzienbarender was het besluit van Provincie Flevoland om direct bij te gaan voeren, terwijl ze toegeeft dat dit de dieren niet helpt. Een fraaie demonstratie van gebrek aan ruggengraat bij de bestuurders, die wel erg snel capituleren onder de intimidaties. Flevoland hoopt zo de ‘maatschappelijke onrust’ te stoppen. Kortom, het bevoegd gezag kiest voor een actie die slecht uitpakt voor de dieren, met als argument: het volk wil het. Dit riekt wel heel erg naar populisme…

Zou het toeval zijn dat een eerdere beslissing met grote negatieve gevolgen voor het functioneren van de Oostvaardersplassen –  namelijk het schrappen van de voorgenomen verbindingszone richting Veluwe (door staatssecretaris Henk Bleker tijdens kabinet Rutte 1 ) –  ook tot stand kwam in populistische sferen?

In de gevoerde discussie vallen mij nog een aantal zaken op:

  • Grazende konik in Oostvaardersplassen.

    Het merkwaardige bondgenootschap van activistische boeren, grofgebekte paardenmeisjes en zeehondenknuffelaars dat met alle geweld wil bijvoeren blijkt onweerstaanbaar voor de Nederlandse media. Hun geschreeuw heeft daardoor een groot bereik.
    Maar dat had de bioscoopfilm Nieuwe Wildernis ook…

  • Deze lawaaierige dierenvrienden verwarren hun gesol met poedels en pony’s, en het slavenregime in de veeteelt met verantwoord faunabeheer.
  • Dit volk heeft echt het contact met de natuur verloren. Komen deze mensen ooit buiten? En beseffen ze wel hoeveel beter de wilde grazers af zijn dan hun eigen gedomesticeerde mormels?
  • Dieren mogen blijkbaar niet sterven, tenzij door het spuitje van de dierenarts of mes van de slager.
  • Ondanks de forse sterfte deze winter is er onder deskundigen onverminderd brede steun voor het door Staatsbosbeheer uitgevoerde begrazingsbeheer van zo weinig mogelijk ingrijpen en zoveel mogelijk ruimtegeven aan natuurlijke processen.
  • Dezelfde deskundigen pleiten keer op keer voor het alsnog realiseren van de verbindingszone naar het Horsterwold, zodat de dieren zich meer kunnen verplaatsen en de variatie in landschap en beschutting beter benutten.

Hoe nu verder?
Lees verder Sterven is normaal, ook in Oostvaardersplassen

Vluchtige winters!

Vluchtige winters
Zwaar dreigend steken nu
zwarte beukentakken af
tegen vuilwitte winterwolken,
glimmend van dooiend ijsvlies

Gisteren nog glazig kunstwerk,
takken bedekt met ijzige huid
spiegelend en steriel
met tintelende franje –
strengen gestold druipwater

als frivole oefening van glasblazerscollectief
Kristallen kroonluchters
rinkelend in de vrieswind
zilveren klanken in
de naakte beukenkathedraal

 

Met verkleumde vingers zit ik achter mijn toetsenbord. Het schrijven van proza gaat me moeilijk af. Gelukkig vond ik in het vriesvak nog bovenstaand gedicht, dat ik in een eerdere koude periode componeerde.

Het is geïnspireerd door het gedicht Bevroren zomers!, van
H.H. ter Balkt, uit 1980.

Wild van de Veluwe

De langverwachte bioscoopfilm over de Veluwe, daar keek ik al maanden naar uit. Als Veluweliefhebber en kritisch filmkijker waren mijn verwachtingen hoog gespannen. Ik was nieuwsgierig hoe de filmmaker, Luc Enting, dit aan zou pakken. Ik ken Luc goed, hij is een vakkundig cameraman, maar welk verhaal zou de film vertellen?

Er zijn nogal wat invalshoeken die je kan kiezen. Ga je het over het landschap hebben, de historische ontwikkelingen van deze grote zandbult, de biodiversiteit of vooral over de wilde dieren? Of kies je voor een meer kritische benadering en breng je juist de bedreigingen van de wildheid in beeld: de recreatiedruk, bio-industrie, landbouw, autoverkeer, luchtverontreiniging, de opdringende bebouwing van bewoningskernen, bosbouw, jacht? Genoeg onderwerpen om een film mee te vullen.

Mijn film
Ik vond het een leuk tijdverdrijf om te fantaseren welk beeldverhaal ík zou willen tonen. ‘Mijn film’ zou een eerlijke mix zijn van bijzondere kwaliteiten en reële bedreigingen. Zo zou ik de geheimzinnige nachtelijke balts van de nachtzwaluw laten zien, maar ook herten die met gevaar voor leven drukke wegen en hoge hekwerken passeren. En natuurlijk een spectaculair ochtendconcert in een wild woud. De kijker zou mooie voorbeelden gepresenteerd

Wildviaduct over A50 bij Wapenveld.

krijgen van het complexe relatienetwerk dat we ecosysteem noemen. Immers ook over kleine beestjes en planten zijn spannende verhalen te vertellen!

Na het zien van de film zou de kijker het gevoel moeten hebben: ‘Wauw, wat bijzonder dat we hier in het dichtbevolkte West-Europa toch nog zo’n gaaf uitgestrekt natuurgebied hebben, waar zoveel planten en dieren leven – ondanks de drukke wegen, de hekken, overbemesting en recreatiedrukte…” De kijker zou beseffen dat deze grote groene enclave niet vanzelfsprekend is, eerder een wonder.
In mijn hoofd was deze realistische eigentijdse natuurfilm een kaskraker. Het was het gesprek van de dag en iedereen besefte: dit is zo waardevol, hier ga ik voor knokken!

Idylle
Genoeg gedroomd. Nu de echte film. ‘Wild’ is mooi. Fraaie opnamen, vooral van dieren, maar ook de nachtelijke onweersbui mag er zijn. Zwijn, vos en edelhert zijn de hoofdrolspelers. Die worden in de voice-over (André van Duin) helaas net wat te grappig en menselijk neergezet. Wellicht een poging om een groot publiek te trekken… Het resultaat is een film met prachtige natuurbeelden maar met een wat kinderachtig, braaf en weinig verrassend verhaal. Opmerkelijk genoeg komt er geen hek, weg, giertank, gebouw, zelfs geen mens in beeld. De idylle compleet. Is dit wel de Veluwe anno 2018?

Beek terug in binnenstad Arnhem

Grote waterval in park Sonsbeek, Arnhem

De Arnhemse parken Sonsbeek en Zijpendaal ontlenen veel van hun charme aan de beek die klaterend en sprankelend van de stuwwal stroomt. Want zonder beek geen fraaie vijvers, fonteinen, Grote en Kleine waterval, bronbosjes en orchideeënrijke moerasweide. Geen exotische vergezichten en al helemaal geen goudveil en ijsvogeltjes. Vanzelfsprekend mondde de Sint Jansbeek – want zo heet ie – ooit uit in de Rijn. Het schone water en de waterkracht van het stroompje verleidde lang geleden mensen om zich onderaan de glooiingen van het Veluwemassief te vestigen en bedrijven te starten.

Vallend water bij watermolen Sonsbeek, Arnhem

Al in de zesde eeuw was er een nederzetting en vanaf de dertiende eeuw draaiden er watermolens. Die maalden koren, persten olie en vervaardigden papier. Het heldere water werd benut door brouwers, leerlooiers en wasserijen. Feitelijk heeft de beek aan de basis gestaan van de ontwikkeling van Arnhem, niet de Rijn zoals veel mensen denken. Die werd pas in 1530 bij de stadsmuur gebracht.

De bedrijvigheid langs de beek groeide uit tot een heus industriegebied. Goed voor de welvaart, maar slecht voor de beek. Die werd steeds meer een open riool. Vandaar dat de Sint Jansbeek vanaf de achttiende eeuw uit het stadscentrum is verdwenen.

Blauwe levensader van Arnhem hersteld
Tegenwoordig beseffen we gelukkig beter het belang van een schone beekloop in de stad. Een groepje taaie, oudere Arnhemse heren voerde jarenlang lobby om de beek weer bovengronds te brengen. Dat idee paste wonderwel bij het plan van gemeente en provincie om het stadsdeel dat in 1944 zo heftig is aangerand te ontwikkelen en verfraaien. Het wonder is nu geschied: de blauwe levensader van Arnhem is grotendeels hersteld. Want sinds een week stroomt de beek weer door de zuidelijke binnenstad en stort via een dubbele waterval in de Rijn. En nu hoop ik maar dat de gemeente snel geld reserveert voor de uitvoering van het resterende deel (in Beek- en Bovenbeekstraat).
Lees verder Beek terug in binnenstad Arnhem

Dwangsom voor Poolse bosslopers

Afgelopen week heeft het EU-hof de Poolse regering een ultimatum gesteld voor de illegale kapactiviteiten in het beroemde woud van Bialowieza. Als men doorgaat met houtkappen is de boete 100.000 euro per dag.

Elzenbroekbos in Bialowieza

Het is zeer ongebruikelijk dat het EU-Hof zo’n drastische uitspraak doet, maar Polen heeft het er naar gemaakt. Ondanks eerdere waarschuwingen vanuit Brussel gaan de staatsbosbeheerders, in opdracht van hun regering, gewoon door met het molesteren van een van de meest waardevolle bossen van Europa. De huidige christelijk-conservatieve regering (PiS) heeft lak aan de Natura2000- status die Europese bescherming garandeert. Liever laat het haar oren hangen naar lokale boeren en boswachters dan naar natuurbeschermers en wetenschappers uit de grote stad. Om van buitenland en het verderfelijke Brussel maar te zwijgen.

Wat is er concreet aan de hand?
Anderhalf jaar geleden, kort na het aantreden van de PiS-regering, verviervoudigde de minister van milieu het kapvolume voor het staatsbos. Als reden noemde hij het weer gezond maken van het bos na een bastkeverplaag. Elke ecoloog begrijpt dat dit een smoes is, immers bastkevers horen net zo goed bij bos als spechten. De ware reden is ongetwijfeld geld. De meeste wetenschappers in de Raad voor Natuurbescherming bekritiseerden het kapplan; zij zijn direct vervangen door PiS-getrouwen. Zo gaat dat in Polen.

Dode bomen zijn onmisbaar voor gezonde, levende bossen. Het levert voedsel voor talrijke paddenstoelen en kleine beestjes. Mede daarom leven in Bialowieza wel 9 soorten spechten.

Waarom het boscomplex van Bialowieza zo bijzonder is?
Het is een van de zeldzame, nog nauwelijks door mensen gemanipuleerde laaglandbossen van Europa. Het is zeer rijk aan planten, dieren en allerlei natuurlijke processen die in meer gecultiveerde bossen niet of nauwelijks te vinden zijn.
Ook buitengewoon is zijn omvang: het woud bestrijkt 1500 vierkante kilometer, waarvan 3/5 deel in Wit-Rusland. Die uitgestrektheid maakt het tot een ideaal leefgebied van planten en (grote) dieren, omdat het minder kwetsbaar is voor verstoringen van buiten. Het Poolse deel omvat het beroemde nationaal park (10.000 ha) dat ingebed ligt in een staatsbos van 50.000 ha waar bosbouw wordt bedreven – tot voor kort extensief. Ook hier is de biodiversiteit zeer hoog.
Lees verder Dwangsom voor Poolse bosslopers

Natuur in tekst en beeld