Categoriearchief: diversen

Vluchtige winters!

Vluchtige winters
Zwaar dreigend steken nu
zwarte beukentakken af
tegen vuilwitte winterwolken,
glimmend van dooiend ijsvlies

Gisteren nog glazig kunstwerk,
takken bedekt met ijzige huid
spiegelend en steriel
met tintelende franje –
strengen gestold druipwater

als frivole oefening van glasblazerscollectief
Kristallen kroonluchters
rinkelend in de vrieswind
zilveren klanken in
de naakte beukenkathedraal

 

Met verkleumde vingers zit ik achter mijn toetsenbord. Het schrijven van proza gaat me moeilijk af. Gelukkig vond ik in het vriesvak nog bovenstaand gedicht, dat ik in een eerdere koude periode componeerde.

Het is geïnspireerd door het gedicht Bevroren zomers!, van
H.H. ter Balkt, uit 1980.

Wild van de Veluwe

De langverwachte bioscoopfilm over de Veluwe, daar keek ik al maanden naar uit. Als Veluweliefhebber en kritisch filmkijker waren mijn verwachtingen hoog gespannen. Ik was nieuwsgierig hoe de filmmaker, Luc Enting, dit aan zou pakken. Ik ken Luc goed, hij is een vakkundig cameraman, maar welk verhaal zou de film vertellen?

Er zijn nogal wat invalshoeken die je kan kiezen. Ga je het over het landschap hebben, de historische ontwikkelingen van deze grote zandbult, de biodiversiteit of vooral over de wilde dieren? Of kies je voor een meer kritische benadering en breng je juist de bedreigingen van de wildheid in beeld: de recreatiedruk, bio-industrie, landbouw, autoverkeer, luchtverontreiniging, de opdringende bebouwing van bewoningskernen, bosbouw, jacht? Genoeg onderwerpen om een film mee te vullen.

Mijn film
Ik vond het een leuk tijdverdrijf om te fantaseren welk beeldverhaal ík zou willen tonen. ‘Mijn film’ zou een eerlijke mix zijn van bijzondere kwaliteiten en reële bedreigingen. Zo zou ik de geheimzinnige nachtelijke balts van de nachtzwaluw laten zien, maar ook herten die met gevaar voor leven drukke wegen en hoge hekwerken passeren. En natuurlijk een spectaculair ochtendconcert in een wild woud. De kijker zou mooie voorbeelden gepresenteerd

Wildviaduct over A50 bij Wapenveld.

krijgen van het complexe relatienetwerk dat we ecosysteem noemen. Immers ook over kleine beestjes en planten zijn spannende verhalen te vertellen!

Na het zien van de film zou de kijker het gevoel moeten hebben: ‘Wauw, wat bijzonder dat we hier in het dichtbevolkte West-Europa toch nog zo’n gaaf uitgestrekt natuurgebied hebben, waar zoveel planten en dieren leven – ondanks de drukke wegen, de hekken, overbemesting en recreatiedrukte…” De kijker zou beseffen dat deze grote groene enclave niet vanzelfsprekend is, eerder een wonder.
In mijn hoofd was deze realistische eigentijdse natuurfilm een kaskraker. Het was het gesprek van de dag en iedereen besefte: dit is zo waardevol, hier ga ik voor knokken!

Idylle
Genoeg gedroomd. Nu de echte film. ‘Wild’ is mooi. Fraaie opnamen, vooral van dieren, maar ook de nachtelijke onweersbui mag er zijn. Zwijn, vos en edelhert zijn de hoofdrolspelers. Die worden in de voice-over (André van Duin) helaas net wat te grappig en menselijk neergezet. Wellicht een poging om een groot publiek te trekken… Het resultaat is een film met prachtige natuurbeelden maar met een wat kinderachtig, braaf en weinig verrassend verhaal. Opmerkelijk genoeg komt er geen hek, weg, giertank, gebouw, zelfs geen mens in beeld. De idylle compleet. Is dit wel de Veluwe anno 2018?

Mijn land

Natuurlijk ga ik op 15 maart stemmen voor de Tweede Kamer.
Er staat genoeg op het spel. Moeilijk, met zo veel partijen?
Wel nee – ik weet toch zeker wel in wat voor een land ik wil leven!

Mijn land is allereerst een groen land – dus met veel ruimte voor uitgestrekte natuurgebieden waar een variatie aan planten en dieren prima gedijt. Een land met schone lucht, bodem en water.

Mijn land is ook een sociaal land, met vrije en gelijkwaardige mensen die wat voor elkaar over hebben. Mensen die niet bang zijn voor de toekomst of voor ‘die ander’.

Mijn land is een open land, met een regering die het vanzelfsprekend vindt om met andere landen samen te werken aan een betere en veiliger wereld. Dit is trouwens ook de enige manier om het leven híér ook op lange termijn prettig en gezond te houden.

Met mijn stempotlood blijf ik dus verre van de PVV, VVD en CDA. Dat zijn de partijen die tijdens het kabinet Rutte 1 het goed functionerende Nederlandse natuurbeleid grondig hebben gesloopt. Staatssecretaris Bleker (CDA, u weet wel de partij die al eeuwen de mond vol heeft van rentmeesterschap) bezuinigde in 2011 zonder blikken of blozen 75% van het natuurbudget en schrapte met zichtbaar plezier ook nog eens belangrijke ecologische verbindingszones, zoals die tussen de Oostvaardersplassen en Veluwe.

Niet toevallig hoeven we van deze partijen ook in de toekomst weinig goeds voor natuur en milieu te verwachten. De partijen zijn nog net geen klimaatontkenners, maar gezien hun verkiezingsprogramma’s gaan zij de klimaatdoelen (van Parijs) – noodzakelijk om de opwarming van de aarde tot 1,5 graad te beperken – zeker niet halen. Asfalt en steenkool, daar lusten ze wel pap van.

Als het u bij deze verkiezingen vooral gaat om het behalen van deze klimaatdoelen – naar mijn mening ons meest serieuze probleem – dan is de keuze eenvoudig. Want volgens het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) hebben slechts drie partijen hun verkiezingsprogramma hiervoor voldoende op orde: GroenLinks, D66 en
ChristenUnie.

Mijn persoonlijk wensenlijstje gaat iets verder dan het behalen van de klimaatdoelen. En ook al vind ik de programma’s van CU en D66 sympathiek, het mag voor mij nog wel wat groener en vooral linkser.

Zo makkelijk kan stemmen zijn.

Tuinen van verwondering

Verbijsterd zat ik op 3 november voor de tv, gehypnotiseerd door de spannende kunstwerken die onder mijn ogen voorbijgleden. Ik zweefde over een lange rij bogen van Andy Goldsworthy die vanaf de heuvel geleidelijk in zee verdwenen; over twee uit de kluiten gewassen maar toch gracieuze dansers van Marijke de Goeij; een bijna megalomaan golvende muur van Richard Serra, en mijn favoriet: een gigantische rode toeter (of was het een verrekijker?) van Anish Kapoor die quasi nonchalant in het heuvelige grasland was achtergelaten. En nog veel meer.
Blessed (Anya Gallaccio), Beeldentuin Clingenbosch, WassenaarIk keek naar de eerste aflevering van Tuinen van verwondering, een serie over de mooiste beeldentuinen van de wereld.
O, wat zou ik graag zélf dit landgoed van kunstverzamelaar Alan Gibbs in Nieuw-Zeeland bezoeken, in zijn helikopter over de beelden vliegen en in de avondschemering op zijn terras aan zee de bliksemmachine bedienen…

Dichtbij
Beeldentuin Clingenbosch, WassenaarNaast dromen heb ik gelukkig ook dichter bij huis aantrekkelijke beeldentuinen. Een hele mooie ligt op fietsafstand: die van Kröller-Müller Museum in park De Hoge Veluwe – bij iedereen bekend, mag ik hopen. Veel minder bekend is Beeldentuin Clingenbosch in Wassenaar, de privécollectie van de Joop van Fountain II (Jean Tinguely Beeldentuin Clingenbosch, WassenaarCaldenborgh, de eigenaar van het nieuwe museum Voorlinden, dat op steenworp afstand ligt. Ik ontdekte en bezocht deze doorgaans afgesloten tuin enkele maanden geleden. Ik kan het liefhebbers van moderne beeldhouwkunst aanbevelen. (Een bezoek kan je reserveren via de website van Museum Voorlinden.)

 

Kunstbos
Verspreid over 25 hectare duinbos staan een stuk of zestig beelden, die zeer divers zijn van materiaal, kleur en uitstraling. De kwaliteit is hoog. De zeer deskundige rondleiders hebben er een hele toer aan om hun groep in groepje binnen de twee uur die er voor staat langs de hele collectie te gidsen: er valt zo veel te zien en te vertellen! Beeldentuin Clingenbosch, WassenaarBijzonder is het zoeken, en het vinden – dat maakt zo’n kunstbos toch heel anders dan een museumzaal. Steeds die verrassing als er achter een bocht of boom weer een ander object opduikt. En steeds weer het spel tussen beeld en de natuurlijke omgeving, licht en schaduw. Hier buiten is het nog makkelijker om weg te dromen. Wat me aan deze collectie ook opvalt is de speelsheid, de humor. Fijn is bovendien dat je de meeste beelden aan mag raken, de beelden vragen daar om.

Paard
Ook het langs het pad uitgestrekte veulen had ik graag met mijn vingertoppen beroerd. Het afgietsel zag er levensecht uit zoals het daar vredig op een pallet lag te slapen. Warm, zacht en kwetsbaar. Large Four Piece Reclining Figure (Henry Moore), Beeldentuin CliMaar o zo gevaarlijk. Want het fijne doffe poeder op het loden beeld was het zwaar giftige loodoxide, waarschuwde onze gids. Kunstenaar Berlinde De Bruyckere maakt vaker beelden van paarden waarmee ze haar publiek op het verkeerde been zet.
Ik herinner me nog scherp de drie levensgrote paarden die ze in Park Sonsbeek tijdens de beeldententoonstelling in 2001 hoog boven het bospad in beuken had gehangen. Dat leidde tot veel consternatie, want hoe kon ze dat nu doen? Paarden! De dieren zijn toen al snel verwijderd. Maar ik zie als ik op dit paadje loop, haar paarden nog steeds hangen. Zelden heb ik in Sonsbeek een intrigerender kunstwerk gezien.

[Alle foto’s maakte ik in Beeldentuin Clingenbosch]

Wildkijkers

U kent ze vast wel, plekken die je voor je gemoedsrust beter kunt mijden, maar die toch trekken. Zo bezocht ik op een zonnige zondagnamiddag in de bronsttijd wildobservatiepunt de Elsberg in nationaal park Veluwezoom. Mijn excuus: ik was toch in de buurt…

Decennia geleden kwam ik tijdens de bronst van edelherten graag naar deze plek. De heuveltop en het omringende open heideterrein vormden een prachtig decor om de herten bij het minnespelen te bespieden. En zag ik geen herten, dan waren er wel vluchten overtrekkende vogels, boven mijn hoofd spionerende bosuilen of dwars over de heide rennende zwijnen. Ook van jagende wolken kon ik genieten, het oranje spotlicht van de laagstaande zon, de glinstering van ochtenddauw in duizenden spinnenwebben, de in de wind goudgolvende pijpenstro, ja zelfs de miezerregen maakte me blij. In alles voelde ik de wildheid en de ruimte. In die tijd kwam ik hooguit een handvol soortgenoten tegen, altijd grauwgroen gekleed en met een forse kijker en – net zoals ik – op zoek naar rust. Maar dat waren andere tijden.

Wildobservatiepunt de Elsberg, NP VeluwezoomSinds de Elsberg een golfdak kreeg en boswachters met hun marketingcollega’s de bronst actief promoten overspoelt een groot en nieuw publiek de bronstplaatsen. Het grote parkeerterrein aan de voet van de Elsberg schept verwachtingen.
Het met spectaculaire natuurfilms en –foto’s verwende publiek denkt echt dat al dit moois pal voor hun neus zal plaatsvinden. Verrekijkers dragen ze zelden. Het gaat hen volgens mij ook minder om het zien als wel om het gezien worden. Want wat is er nu leuker dan je eigen geschoten hert op YouTube of Facebook showen? Iedereen is daarom druk met fotocamera of smartphone, zelfs als de dieren op grote afstaan staan.

Katwijkse blondines
Terug naar die zondag. Gezien het twintigtal auto’s op het parkeerterrein valt het aantal wildkijkers in de hut me mee. Er klinkt een opgewekt gekeuvel, waarbij twee Katwijkse blondines op leeftijd de boventoon voeren.
Lees verder Wildkijkers

Kauwen voor de kunst

In Park Sonsbeek is afgelopen maand een bonte verzameling kunstwerken ontsproten. De internationale kunstmanifestatie Sonsbeek’16 trekt de te verwachten stroom kunstminnend publiek. Je herkent ze direct aan hun zwarte chique kleding, extravagante brillen en kleurige dassen en tassen. Hun serieuze blik verraadt: ‘Mij maak je niets meer wijs, ik heb (bijna) alles al gezien.’ Ze veinzen geen grote nieuwsgierigheid, toch lopen ze braaf alle creaties af, lezen de toelichting en luisteren beleefd naar de gids. Maar wat er in hun omgaat?

The happy camper - Louie Cordero, Sonsbeek'16, ArnhemNee, dan het gewone publiek, dat hier toevallig met de kunstobjecten wordt geconfronteerd. De mensen uit de omringende wijken die hier hun hond uitlaten, de jongeren die op de bankjes chillen, de families op weg naar hun picknickplaats, de scharrelde stelletjes, de spelende kinderen. Die laten allemaal wél luid en duidelijk merken wat de kunst met ze doet.

The happy camper - Louie Cordero, Sonsbeek'16, ArnhemDat is precies de bedoeling van de kunstenaars, het gaat hun om de ontmoeting, de interactie.

Dat levert in mijn ogen niet de meest interessante beelden op – want wat moet ik bijvoorbeeld met op het gras uitgespreide witte lappen die volgens de toelichting olifanten moeten voorstellen? – maar wél volop reacties.
Lees verder Kauwen voor de kunst

Neus

Het is weer zover. Als ik mijn werkkamer verlaat word ik op de gang bijkans gevloerd door een vreemde bedwelmende lucht – niet echt vies, wel veel. Te veel. Ik ruik busladingen musk en in de verte een verdwaald bloempje, een heel klein bloempje. Het riekt naar bezoek, naar dames van middelbare leeftijd.

Ik heb de indruk dat mensen zich de laatste jaren steeds heftiger begeuren. Naast de genoemde dames weten ook de net wat jongere heren de geurfles kwistig te hanteren. Je bent niet te benijden als je naast zo’n makker in de concertzaal zit. Het ergst zijn de jongentjes. In de kleedkamer van de sportschool weet ik niet waar ik het zoeken moet als ze de laatste restjes frisse lucht met hun agressief zurige spray verdrijven.

Nee, zelfs buiten in het bos is mijn gevoelige neus niet veilig meer. Het zal niet de eerste keer zijn dat mijn favoriete wandelpad bezwangerd is van een zware muffe damp die mij tot een andere route dwingt.

Mijn prima functionerend reukorgaan is blijkbaar niet meer van deze tijd. Het orgaan – dat zich in de loop van de evolutie heeft ontwikkeld om angstzweet op te merken, een gewillige sekspartner, wilde dieren, rottend vlees, schoon water, rijp fruit etc. – is achterhaald geworden. Want in de moderne onwelriekende wereld heb je van zo’n scherpe neus meer last dan pret.
Het lijkt erop dat de neus van veel mensen hierop al is afgestemd: meer voor vorm dan functie. Misschien ben ik wel een van de laatste Mohicanen…

Héél soms heeft deze Mohicaan ook voordeel van zijn forse gok: zo herinner ik me, lang geleden, dat ik op weg naar de bakker pardoes een wel heel spannend geurspoor kruiste.
Lees verder Neus

Natuurles in de natuur

Niet te houden zijn ze. Nauwelijks uit de auto vliegen ze over het hek en schieten als speelse kalveren het weidse natuurgebied in. Op hun stoere kaplaarzen stuiteren ze door het ruige gras van de uiterwaard. Ze negeren modderplas en koeienvlaai. Wie het eerst bij de groene keet is!

Expeditie LoevesteinBij de materiaalkeet van Staatsbosbeheer liggen de spullen voor de jonge natuuronderzoekers al klaar – overzichtelijk gegroepeerd per opdracht. Een stapel emmers voor de waterbouwers; vlindernetten, potjes en opbergdozen voor de beestjesvangers; schepnetten en platte bakken voor de waterbeestjesgroep; een krat verrekijkers voor de struinders; een grondboor voor de diepgravers. En dan ben ik vast nog zaken vergeten.

Expeditie LoevesteinDit klasje uit het dorp Bruchem (onder Zaltbommel) komt niet onvoorbereid. Al eerder gaf gids Roel Weterings (vrijwilliger) van Staatsbosbeheer een gastles in hun eigen klaslokaal. Hij vertelde de kinderen over de rijke natuur van dit uiterwaardgebied, over hoe rivieren functioneren. Over overstromingen en klimaatverandering. Over de brandrode runderen en konikpaarden.

En nu staan ze dan buiten, niet ver van Slot Loevestein. Klaar om zelf het gebied te verkennen. Na de korte instructie van Roel vormen zich drie groepjes, met steeds een Staatsbosbeheergids én een ouder of leraar. In grote haast verspreiden de groepjes zich over het terrein. Het is duidelijk dat de kinderen alles op alles zetten om alle opdrachten uit te kunnen voeren. Ze willen alles zien, alles beleven, alles doen.
Lees verder Natuurles in de natuur

Jeuk

Schuin boven me zeilen romige wolken door het hemels blauw, als slagschepen tijdens een parade. De zwartkop achterin de tuin hervat zijn overdonderend concert – speelt met de akoestiek van steen en glas vanaf zijn vaste post in de taxus. Slim dier.
Met tegenzin draai ik mijn hoofd weg van het raam en concentreer me op de tekst voor me. Wat nauwelijks lukt.

Er zijn van die dagen dat het jeukt, dat ik een onbedaarlijke drang voel om naar buiten te gaan, langs rivieren te fietsen, over de
Veluwe te zwerven.
Ik heb vaak van die dagen – vooral nu, op het hoogtepunt van de
lente.

Wanneer het beukenbos feestelijk verpakt staat in knisperend groen crêpepapier, oranjetipjes pinksterbloemen kussen
en bloemige meidoornstruiken gonzen en zoemen van de honing.
Ik wil de zwarte stern zien vlinderen, laag over de plassen. Aan de oever zal vogelmelk onderhand al bloeien. En misschien gele lis,
koekoeksbloem, en vergeet-mij-nietje.
Ik heb de braamsluiper nog niet gehoord, evenmin de spotvogel en de grote karekiet. Ook voor het doffe gehoemp van de roerdomp moet ik nodig naar het rietmoeras voordat het al weer te laat is.

Maar vooral wil ik er bij zijn als de eerste gierzwaluwen terugkomen en uitdagend boven de oude stadswijken gieren. Ik wil ze persoonlijk verwelkomen – daar mag geen glas tussen zitten.
Zonder gierzwaluwen geen zomer.

Hoezo werk, hoezo kantoor? Morgen is er weer een dag.

Feest van het licht

De Germanen zijn ermee begonnen. Rond de kortste dag van het jaar vierden zij het midwinterfeest, waarbij zij het boze verjaagden en het nieuwe licht begroetten. Later, in de vierde eeuw, besloten christelijke kerkleiders dat dit ook een mooi moment was om de geboorte van Jezus te vieren. En zo ontstond een feest met een wonderbaarlijke mix van heidense (groene boom) en kerkelijke (ster, kerststal) symbolen.

HvdB20071217-014Wij vieren dit feest van de winterzonnewende nog steeds. Afhankelijk van ons geloof noemen we het Kerstmis, kerstfeest of gewoon Feest van het licht. En nog steeds maken we gebruik van de eeuwenoude symbolen. Tot voor kort vierden we het feest binnenshuis, met familie en vrienden. Dat de lokale middenstand kerstgroen, verlichting, HvdB20071220-017glühwein en zoete liedjes inzet om een kooplustig publiek naar tochtige winkelstraten te lokken is van een andere orde, dat telt eigenlijk niet mee. Iedereen voelt haarfijn aan dat dit gewoon bussiness is.

Van lichtfeest naar lichtshow
Welvaart en technische mogelijkheden maken dat burgers het Feest van het licht steeds meer buitenshuis vieren. Kerstmannen maken tuinen onveilig, slierten kunstlichtjes slingeren in bomen en huizen zijn kunstzinnig verlicht alsof het hoerenkasten zijn. Lees verder Feest van het licht