Tagarchief: vogel

Verrassing

Wel een keer of twee per week bezoek ik de bosrijke stadsparken hier aan de overzijde van het spoor. Na zoveel jaren ken ik het gebied als mijn broekzak. Dat klinkt saai, maar is het niet. Ik weet precies wanneer de dotterbloemen bloeien, waar de dikste eiken staan en vanaf welke takken de ijsvogel naar visjes tuurt. De meest markante bomen en vogels worden als kennissen, bijna als buren –
ik groet ze nog net niet.

Nee, grote avonturen maak ik in deze achtertuin niet meer mee. Toch valt er ook voor mij veel te beleven. De lol zit in kleine gebeurtenissen en nieuwe ervaringen: damherten die met veel vaart tikkertje spelen, een zonnende groene specht op een molshoop, de havik die rakelings tussen de beuken jakkert.

Wegduiken
Heel soms weet de natuur mij nog flink te verrassen. Een week geleden zag ik vanuit mijn ooghoek in een smalle bosvijver ‘iets’ wegduiken. Het was geen meerkoet of mandarijneend – andere watervogels zie ik hier weinig. Maar wat was het dat wel? Toen het na handvol seconden met een flinke vis in de snavel weer boven water plopte, herkende ik direct het nonnetje (een wijfje). Spectaculair, want dit kleine eendje, lid van de zaagbekfamilie, zie ik zelden. En hier midden in de stad al helemaal niet! Deze visspecialist is alleen ’s winters in ons land, zit dan op grote wateren zoals IJsselmeer en rivieren. Lees verder Verrassing

Onderweg in Israël

Genietend van de krachtige lentezon en het exotische landschap van getijdenpoeltjes en witte krijtrotsen tegen een strak blauwe lucht hoorde ik ineens een vertrouwd gekwetter: een groepje boerenzwaluwen dat de kustlijn volgde naar het noorden.
IMG_2531Dat was precies twee weken geleden, aan de Israëlische Middellandse Zee, vlakbij de grens met Libanon. Die middag zag en hoorde ik nog veel meer boerenzwaluwen; ze vlogen opvallend gericht – zeg maar gehaast. Overduidelijk vogels die in Afrika overwinterd hadden en die nu terugkeerden naar hun broedgebied in Europa, misschien wel naar Nederland…

De meeste vogels steken niet graag grote watervlaktes over, zij volgen veel liever de kust. Dat is veiliger. Om de omweg niet al te groot te maken vliegen zij scherp aan de kust, dat is bovendien gemakkelijker navigeren. IMG_2490De vele miljoenen vogels die jaarlijks tussen Afrika en Europa trekken kiezen bij de Middellandse Zee voor een westelijke (via Gibraltar) dan wel een oostelijke route. Omdat de vogels bij voorkeur ook niet over de (Syrische) woestijn vliegen vernauwt de oostelijke trekbaan zich boven Israël tot een smalle strook.

Het noord-zuid georiënteerde dal van de Jordaan is voor veel vogels een favoriete reisroute. In dit vruchtbare gebied vinden zij voedsel, dekking en water – dat geeft ze gelegenheid om even bij te tanken of uit te rusten op hun lange reis. Tweemaal per jaar persen zich 500 miljoen vogels door deze groene vlakte die begrensd wordt door de bergruggen van Galilea en de Golan. Na de stichting van de staat Israël zijn hier met grote ijver wetlands drooggelegd, voor de landbouw en tegen de malaria. Maar gelukkig zijn enkele kleine gebieden gespaard. Natuurgebieden waar in deze tijd van het jaar naast broedvogels ook veel trekvogels gebruik van maken. Dat wilde ik natuurlijk wel eens zien.

Hula
Het bezoekerscentrum van natuurpark Hula Agamon Lake had door de drukte en vele kraampjes veel weg van een markt. Mensen die het uitgestrekte park in wilden verdrongen zich bij de elektrische golfwagentjes, de vele soorten fietsen en de excursiebussen. Wij vielen uit de toon omdat we besloten te gaan lopen. De eerste kilometers liepen we langs strakke landbouwpercelen. Maar niet getreurd, want ik zag op de akkers sporenkievit, in de sloten kleine zilverreiger en in de lucht hoorde ik de bibberende roep van de regenwulp en het gejubel van de veldleeuwerik. Het meest weldadig was echter de overrompelende stilte. Stel je eens voor, regelmatig hoorde ik niets: geen auto, geen machine, geen geroep, nog geen geritsel – alsof er iets mis was met mijn oren. Door die stilte merkte ik direct dat er hoog boven onze hoofden iets sensationeels stond te gebeuren.

Lees verder Onderweg in Israël

Hoogveen – land van de kraanvogel

Een studiedag voor boswachters en natuurbeheerders bracht mij twee weken geleden naar het Fochteloërveen. Hier op de grens van Drenthe en Friesland ligt een restant van het ooit uitgestrekte hoogveenlandschap. Natuurmonumenten heeft nog net een snipper weten te redden. Een snipper die niet afgegraven en vermalen is tot turf, potgrond of norit. Een snipper die groot genoeg is om een indruk te krijgen hoe nog maar enkele eeuwen geleden een groot deel van ons land erbij lag: kaal, onvriendelijk en ontoegankelijk veenmoeras.

Kraanvogel
Het zeiknatte hoogveenmoeras is geen land voor mensen, maar des te meer voor aan dit extreme milieu aangepaste planten en dieren. Met de ontginningen is het meeste daarvan uit ons land verdwenen. Maar sinds natuurbeheerders en onderzoekers steeds effectiever zijn in het herstel van het hoogveenlandschap keren ook langzaam de bijzondere soorten terug: de planten, libellen, vlinders en vogels, waaronder mijn favoriet: de kraanvogel.

Goed ontwikkelde hoogveenvegetatie, FochteloërveenHoogveenherstel was ook het thema van de studiedag. Tijdens de excursie zagen we veel kenmerkende planten: een tiental veenmossoorten, lavendelheide, dophei, wollegras, snavelbies, kleine veenbes en gagel. De beheerders toonden hoe zij met dammen en kades steeds beter weten te voorkomen dat regenwater naar het lagergelegen landbouwgebied stroomt.

Vogels lieten zich op deze grauwe winterdag nauwelijks zien. Stiekem hoopte ik een glimp op te vangen van de schuwe koning van het hoogveen: de kraanvogel. Deze sierlijke moerasvogel is na eeuwen afwezigheid hier weer als broedvogel terug. Helaas was ik te vroeg: de trekvogels waren nog niet terug uit hun overwinteringsgebied. De eerste week van maart is de normale tijd dat ze terugkeren, of met duizenden over ons land heen vliegen naar Oost-Europa en Scandinavië.

Gisteren hoorde ik dat dat de kraanvogels van het Fochteloërveen weer terug zijn. Ze baltsen dat het een lieve lust is. Dat gaat gepaard met spectaculaire springerige dansen en melodieus getrompetter. Ik moet dus nodig terug! Lees verder Hoogveen – land van de kraanvogel

Spetter oranje in zwart-witlandschap

De wind snijdt in mijn gezicht, gaat dwars door mijn jas. Miljoenen sneeuwvlokjes trekken witte draden over het zand, prikken in mijn ogen. Achter de wapperende vitrage markeren grauwwitte ijsschotsen de vloedlijn, zo ver het oog reikt.

Is dit werkelijk Nederland?
Het brede strand is verlaten – ongastvrij onder loodzware wolken.
Zelfs geen vogel laat zich zien in deze ijzige wereld.
Of toch?

In de luwte van een ijsklomp ligt een donkere bol. Gitzwart fluweel, zie ik als ik dichtbij ben. De hoge brede snavel verrast me: zwart met een feloranje vlek. Eindelijk een spetter kleur in dit troosteloze zwart-witlandschap.

Onbewogen kijkt de zwarte zee-eend naar me op. Ondoorgrondelijk taxeren de dieppaarse ogen mijn reusachtige lijf.
Betekent zijn rust vertrouwen, of is het berusting? Ligt die linkerpoot daar half onder zijn vleugel vanwege de kou, of is het gebroken? Is dit zijn eindstation of slechts een tussenstop?

In verwarring loop ik verder. Als ik later omkijk is er geen spetter oranje meer te zien.

HvdB20100218-007

 

 

Komt dit verhaal je bekend voor? Dat kan, het stond in de onvolprezen Natuurscheurkalender 2013. Op mijn website vind je meer korte natuurverhalen.

Dilemma: voeren of niet?

In deze winter die maar geen winter wil worden discussiëren vogelvrienden weer over de zin en onzin van het voeren van vogels.
Tegenstanders van voeren zeggen: zeker in deze kwakkelwinter hebben vogels die extra voedingsstoffen helemaal niet nodig.
Stoppen dus.
Voorstanders echter beweren dat vogels het tegenwoordig zó moeilijk hebben, dat we ze met voer moeten helpen om te overleven – niet alleen ’s winters, maar gedurende het hele jaar.

Wat ik ervan vind?
Mijn gezonde verstand zegt: blijf dicht bij de natuur en ga terughoudend om met voer. Vogels hebben het miljoenen jaren kunnen redden zonder vetbollen, vogelpindakaas en Premium zonnebloempitten.
In plaats van ze te voeden vanuit potjes en zakjes is het zinvoller de ‘natuurlijke’ leefomgeving van de vogels te verbeteren. Als je een tuin hebt – mooi – zorg dan voor veel variatie in groen: voor besdragers en planten met veel zaden, voor scharrelhoekjes, voor muren met kamperfoelie en klimop (goed voor insecten, bessen én nestplaatsen).

Veel mogelijkheden liggen op straat: bij boomspiegels, overhoekjes of de grote oppervlakte die nu door trottoirs en parkeerplaatsen wordt opgeslokt. Wees burgerlijk ongehoorzaam en maak tuintjes van die kale boomspiegels: plant en zaai. Lees verder Dilemma: voeren of niet?

Vogelpootje op de dijk

Een dag zonder kleur. Het miezert. Links ligt de kwelder, rechts de polder en ik loop op de groene dijk daartussenin. De regen en de grauwsluier over het landschap maken dat mijn blik steeds dichter bij mijn laarzen komt.
Ineens ligt het daar: een vogelpootje. Een vrij lang, zwartig pootje – als een takje met een flauwe knik. Zonder vogellijfje, nog geen veertje in de buurt. Zonder het aluminiumringetje had ik het nooit gezien.

Ik wurm het smalle ringetje van de poot, wat pas lukt als ik het pootje breek. Ik schrik zelf van het droge ‘krak’. Schichtig kijk ik om me heen, bang voor getuigen bij deze lompe daad. De slechtvalk, die wat verder op een paal zat, scheert weg. Last van schuldgevoel?

Met een loep ontcijfer ik thuis de code op de ring. Lees verder Vogelpootje op de dijk

Vogels huilen niet

Een wilde vogel in een mensenhand. Dat wringt, dat schuurt. De blauwe steriele handschoen maakt het nog erger. Hier klopt iets niet.

De eerste wilde vogels die ik in handen had zal ik nooit vergeten. De diertjes hebben het niet overleefd. De kluten, tureluurs en kemphaantjes waren zwaar verlamde botulisme-slachtoffers – opgeraapt in het wetland waar ik vaak vogels telde.
Je denkt een vogel te kennen – door je verrekijker heb je het dier al zo vaak begluurd. Maar in je hand is alles anders: het is nóg kleiner, nóg lichter, nóg fijner getekend, nóg kwetsbaarder dan je al dacht. En dat ga je de nek omdraaien. Knijp, een snelle draai en een stevige ruk. “Krak”, hoor je. Dat valt nog helemaal niet mee.

Dit verhaal gaat over zieke vogels die een meer hoopvolle behandeling kregen, in het Rotterdams vogelopvangcentrum Vogelklas Karel Schot. Vrijwilliger verzorger én fotografe Anjés Gesink maakte fascinerende vogelportretten van de patiënten. De foto’s bundelde zij in het opmerkelijke boek Vogels huilen niet – klein vogelleed in de grote stad. De paginagrote foto’s van de vogels gaan steeds samen met een nuchtere beschrijving van de geschiedenis van de patiënt, de zorg en de afloop (die lang niet altijd goed is). Lees verder Vogels huilen niet

Nederlandsche Vogelen

Mijn eerste vogelboek  kocht ik veertig jaar geleden.  Zien is kennen! gold toen als het ‘handigste betrouwbare determineerboek in den lande’. Niet dat er veel te kiezen was. De veldgids met gekleurde platen en informatieve tekst moest mij leiden op het modderige pad der veldornithologie. Zelfs met een verrekijker viel het ‘zien’ niet mee: als ik vogels naderde vlogen ze steevast weg, of gingen nog hoger in de boom zitten. En die enkele keer dat ik na veel moeite (of geluk) een dier wél goed in beeld kreeg, bleek het nog een hele kunst het bijpassend plaatje te vinden. Zo duidelijk waren de afbeeldingen en beschrijvingen niet. Ondanks dit matige boekje, heb ik inmiddels toch veel vogelsoorten gezien en leren kennen.

Sinds die achtste druk van Zien is kennen is er een indrukwekkende rij determinatiegidsen en andere vogelboeken verschenen. Hoe ik ook van boeken en vogels houd, ik ben al een poos geleden opgehouden vogelboeken te verzamelen. Mijn kast is vol. Echter mijn nieuwsgierigheid naar nieuwe uitgaven is gebleven.

Zo stuitte ik vorige maand bij mijn boekhandel op de Nederlandsche Vogelen, een boek als een forse stoeptegel  Lees verder Nederlandsche Vogelen

Ode aan de duisternis

Ik heb weinig met ‘dagen-van’. Wat moet ik met Dag van de linkshandigen, Dag van de gratis bezorging, Dag van de arbeid, Dag van de huismeester, Valentijnsdag, Dag van de hond, Dag van de slager, Dag van de belegger, Dag van de bouw, Dag van de regio?
Ik gun elke belangenclub zijn eigen feestje, maar val mij er niet mee lastig.

Een uitzondering maak ik voor Nacht van de nacht, de jaarlijkse ode aan de duisternis, in de nacht dat we onze klokken een uur terugzetten. Dit gáát tenminste ergens over.
Natuur- en milieuorganisaties vieren de Nacht met excursies in natuurgebieden, met spannende verhalen, voorlichting over duurzame en natuurvriendelijke verlichting en door bezoekers met sterrenkijkers een blik te gunnen op de hemellichamen boven ons.

Duisternis zit in onze moderne en verwende samenleving flink in het verdomhoekje.  Alsof we er last van hebben. Raar, want er valt aan en in de duisternis juist zoveel te beleven. Lees verder Ode aan de duisternis

De laatste sperwers en terminale eiken

Het gaat niet goed met de bossen op arme zandgronden: roofvogels verdwijnen en bomen sterven. Wat is er aan de hand?  In de bossen bij Ede laat ik me door onderzoekers informeren, samen met bosbeheerders. Die willen vooral weten: hoe red ik mijn bos?

De groep groen-grijs geklede mensen loopt dwars door het open bos op de Noord Ginkel. Kritisch beoordelen zij de grove den, lariks en vrijwel bladloze zomereik. De beheerders moeten al langer aanzien dat in bossen op voedselarme bodems veel planten en dieren verdwijnen. De oorzaak hiervan is nu eindelijk bekend.

Onderzoeker Arnold van den Burg van Stichting Biosfeer: “Jullie zien dat de eiken op instorten staan. Die bladschaarste komt niet door rupsen – die wíllen hier niet eens eten. De eiken zijn doodziek. Lees verder De laatste sperwers en terminale eiken